nrc handelsblad
'De avond staat of valt met hoe ik dans - een eng idee'
Hij kijkt naar zichzelf met de kritische blik die dansers eigen is. Zijn lichaam is niet ideaal voor het klassieke werk, hij moet een half uur opwarmen voor zijn knieën precies doen wat hij wil, de klassieke lijnen kosten hem moeite en als hij zichzelf naast sommige collega’s ziet, denkt hij: ‘Jongen, eet wat meer pudding.’
Het publiek ziet vooral een danser die met verbluffend gemak door gecompliceerde passen wervelt en zijn energie en plezier perfect weet over te brengen. Al in zijn eerste seizoen bij Het Nationale Ballet viel Edo Wijnen op, met name in een creatie van David Dawson en het sprankelende Solo van Hans van Manen. „Ik mag van geluk spreken”, zegt de twintigjarige Antwerpenaar in Het Muziektheater te Amsterdam. „Meestal duurt het wel even voor je grote rollen mag dansen, ik krijg ze nu al.” Hij somt zijn werkzaamheden op: hij is tweede cast in het lopende Hans van Manenprogramma, repeteert voor alle balletten van de volgende voorstelling en danst in drie choreografieën in Sterrenstof.
Het nut van dat ‘jonge talentenprogramma’ van Het Nationale Ballet heeft hij al eerder ondervonden. „In Sterrenstof dans je dingen die vaak net even boven je pet gaan. Iedereen moet alles samenknijpen om het er goed uit te laten komen. Het gevoel de verantwoordelijkheid voor een voorstelling te dragen ken je als jonge danser nog niet. Het idee: de avond valt of staat met u. Daardoor is Sterrenstof misschien wel stressvoller dan een ‘gewoon’ programma in de grote theaters. Maar zo leer je die spanning in goede banen te leiden.”
Sterrenstof, met delen uit het ‘ijzeren’ balletrepertoire en hedendaagse choreografieën van klassieke snit, wordt gepresenteerd in kleinere zalen waar de reguliere voorstellingen van Het Nationale Ballet niet in passen maar waar wél vraag is naar ballet, aldus artistiek directeur Ted Brandsen. „Vaak boeken die podia voor een habbekrats de grote klassiekers door Oost-Europese balletgezelschappen van zeer wisselend niveau. Wij brengen een klein programma, maar van hoge kwaliteit: goede dansers, topstukken.” Naast Wijnen, over wie Brandsen bijzonder enthousiast is, treden in Sterrenstof nog meer opmerkelijke talenten op, onder wie de Koreaan Young Gyu Choi, winnaar van de prestigieuze balletcompetitie in Varna. Brandsen is lyrisch: „Die jongen is zó goed! Echt een toptalent.”
Het mes snijdt aan twee kanten: er wordt nieuw publiek bereikt en jonge dansers maken dankzij de uitdaging van de technisch veeleisende balletten én extra coaching een grote sprong voorwaarts in hun ontwikkeling. Brandsen hecht eraan te benadrukken dat Het Nationale Ballet deze ‘talentontwikkeling’ (een toverwoord bij subsidiegevers) niet als verplicht nummer beschouwt. „Dat willen we zelf, we hebben het altijd gedaan.” Volgend jaar wordt bovendien in samenwerking met de Nationale Balletacademie een juniorengezelschap opgericht, Het Nationale Ballet Nxt, min of meer vergelijkbaar met Nederlands Dans Theater 2. Daar zal het klaarstomen van aanstormend talent een structureel karakter krijgen.
Tegen die tijd is Edo Wijnen mogelijk weer een rang opgeklommen in de dansershiërarchie, die hij tot nu toe pijlsnel heeft doorlopen. Hij blijft er nuchter onder. Eerste of tweede solist worden is niet zijn hoofddoel, het gaat om het dansen zelf, om de rollen. „De connectie die je op het toneel beleeft, als muziek, choreografie, emotie en energie samenkomen terwijl iedereen naar je kijkt, is heel speciaal. Dan kom ik bij het oergevoel dat ik als kind had.” Hoewel hij wel ‘gedachten’ heeft over een internationale carrière, voelt hij zich momenteel zeer senang in Amsterdam, met een breed repertoire en een leiding die in hem gelooft en hem kansen geeft. Misschien zelfs de rol van Romeo in Rudi van Dantzigs Romeo en Julia?
Ted Brandsen, gespeeld geheimzinnig: „Ik zeg niets...”
(Francine van der Wiel, 26 september 2012)
de volkskrant
Visitekaartje (***)
Het concept deugt: een avondvullend programma met hoogtepunten uit het klassieke balletrepertoire en eigentijds werk. Dit alles door jonge dansers en jonge choreografen uit het gezelschap die hiermee extra ervaring opdoen. Een klassiek balletgezelschap werkt met rangen en standen – van adspirant tot eerste solist – en hoe goed je ook bent, de doorstroom naar de hoofdrol kan soms lang duren. Bovendien is een programma als dit een visitekaartje waarmee Het Nationale Ballet, vaste bespeler van Het Muziektheater, zich her en der kan presenteren.
Maar was het ook leuk en goed? Jazeker. Het kijken naar fragmenten uit Giselle, La Bayadère, Les Sylphides en Notenkraker & Muizenkoning heeft iets van een balletconcours. De dansers zijn allen sterk, maar toch brengt de ene wel iets teweeg en de andere niet. Dat heeft behalve met techniek, vooral met interpretatie en muzikaliteit te maken. Van de tweede solistes Emanouela Merdjanova (een fluweelzachte Sylphide) en Isaac Hernández (een natuurlijke prins) verwacht je niet anders dan een bijzondere prestatie. Maar iemand als Aya Okumura verrast. Deze Japanse, rang coryfee, is technisch trefzeker en precies, en sprankelt. Ze is levendig, alert, kwikzilver vlug en aanstekelijk; met haar geniet je tot in elke vezel van het dansen.
Na de pauze schakelen de dansers naar modern ballet. Van de vijf korte choreografieën was er één brand new: Saltarello van Ernst Meisner, die voor de zomer opviel met het Nationale Cantaballet en vorige week nog een duet levered voor de opening van het Stedelijk Museum. Geïnspireerd op een oud-Italiaanse ‘springdans’ laat hij vier dansers (onder wie Okumura) vijf minuten vlammen. Ze vertalen de virtuoze muziek van Bartholdy in een prachtige stroom van sprongen en draaien.
Mirjam van der Linden (27 september 2012)
cultuurbewust
Jong talent straalt
Talent ontdekken en ontwikkelen is iets wat Het Nationale Ballet hoog in het vaandel heeft staan. In het programma Sterrenstof waarmee het gezelschap de komende weken door Nederland reist krijgen jonge dansers en choreografen dan ook de kans om hun talenten te laten zien. Naast hoogtepunten uit het klassieke repertoire gedanst door jonge dansers uit het gezelschap zijn er ook eigentijdse creaties van aankomende choreografen te zien. Dit zorgt voor een toegankelijke en gevarieerde voorstelling waarin Het Nationale Ballet een breed publiek kennis laat maken met deze veelzijdige kunstvorm.
danscode
Ballethoogtepunten & nieuwe creaties
"Inleiding door de directeur van schouwburg Almere, waarin hij duidelijk maakt, dat theater je rijker maakt, hij bedoelt niet financieel maar emotioneel! Hij geeft weer dat de waarde van cultuur onvoldoende wordt erkend en dat culturele uitingen veel meer aandacht verdienen.
