
choreograaf
Als een van de grootste genieën in de geschiedenis van de kunsten in het westen heeft George Balanchine (1904-1983) zijn stempel op de ontwikkeling van de twintigste-eeuwse theaterdans gedrukt.
Balanchine kreeg zijn opleiding aan de vermaarde school (nu: Vaganova Academie) van het Marijinski Ballet. Daar, en later bij het Marijinski Ballet, werd hij getraind in de principes en stijl van choreograaf en artistiek leider Marius Petipa. Hierdoor heeft Balanchine zich kunnen ontpoppen als diens volwaardige artistieke erfgenaam: hij was de enige, in het westen werkzame choreograaf die tot op de bodem kon putten uit het rijke bewegingsarsenaal van het negentiende-eeuwse, romantische ballet. Met name Balanchines briljante spitzenvariaties en de elegantie en aristocratische verfijning van zijn choreografieën demonstreren dit.
Enerzijds wortelt Balanchines werk dus stevig in de balletromantiek. Anderzijds liet hij zich inspireren door het constructivisme, een kunststroming die opkwam ten tijde van de Russische Revolutie. Samen met anderen richtte hij in 1921 het avant-gardistische Jonge Ballet op, waarvan de vormexperimenten gekenmerkt werden door erotiek, abstractie en aan het circus ontleende benaderingswijzen.
In 1924 werd Balanchine geëngageerd door impresario Serge Diaghilev, die met zijn legendarische Ballets Russes – waarvoor hij de grootste Russische dans- en choreografietalenten naar Parijs haalde – de wereld verbaasde. Diaghilev bracht Balanchine in contact met de eveneens door hem ontdekte Igor Stravinsky; het begin van een uiterst vruchtbare samenwerking tussen de choreograaf en componist.
De belangrijkste inspiratiebron voor zijn vernieuwing van het academische ballet vond Balanchine echter in Amerika, waarheen hij – na de dood van Diaghilev – in 1933 verhuisde, op uitnodiging van de Amerikaanse kunstkenner Lincoln Kirstein. Tot Balanchines dood was Kirstein algemeen directeur van het gezelschap waar Balanchine artistiek de toon aangaf – in 1948 omgedoopt tot New York City Ballet en al gauw een van de meest fameuze balletgezelschappen ter wereld. Het Amerikaanse leven zorgde voor dynamische, flitsende impulsen en een opgevoerd tempo in het werk van Balanchine, wiens productiviteit ongeëvenaard was: hij maakte meer dan vierhonderd balletten, film-, opera-, revue- en musicalchoreografieën en zijn creatieve kracht bleef onaangetast tot enkele jaren voor zijn dood.