Maar Sylvia gaat niet naar onze magazijnen. Ze gaat terug naar Hamburg. Want deze productie is niet van ons, ze is gehuurd van Hamburg Ballett. Eigenlijk zouden de decors uit Parijs komen. Gehuurd van de Parijse Opera, het gezelschap waar John Neumeier Sylvia voor maakte. Contract uitonderhandeld, transportafspraken gemaakt. Todat de technische tekeningen arriveerden en bleek dat er een probleem was met de enorme wanden die het belangrijkste decor vormen van Sylvia. De doorgang van het toneel naar het achtertoneel, waar decors worden neergezet als er op het podium een andere voorstelling wordt gespeeld, is in Parijse Opera een paar meter hoger. Dus zouden de Parijse decorstukken niet in één stuk naar het achtertoneel kunnen worden gereden, maar eerst moeten worden afgebroken. En dat bleek niet te doen. In Het Muziektheater is de ene avond ballet te zien en de andere avond opera. En ondertussen wordt er overdag nog weer aan andere voorstellingen gewerkt op het podium. Zo zijn er vaak drie of vier producties tegelijkertijd in huis. Dus moet het decor er heel snel en gemakkelijk op en af kunnen. Exit Parijse Sylvia!

Geen nood. Want Hamburg Ballett beschikte ook over een eigen decor van Sylvia en dat mochten we huren. Alleen, het Duitse theater bleek op zijn beurt een stuk kleiner dan het onze. De achterwand in Hamburg is 18 meter breed, maar in Het Muziektheater is 24 meter nodig. Geen gezicht, oordeelden de ontwerper en de choreograaf van de productie, die meteen werden geraadpleegd. De verhoudingen moeten wel kloppen! Gevolg: in het Decorcentrum in Amsterdam Zuid-Oost werden alsnog nieuwe wanden geproduceerd. Naar alle tevredenheid werden die in het decor gevoegd. Totdat op een van de eerste technische repetities het plastic, dat als wandbekleding op een gigantisch frame is gespannen met stalen kabels, uitscheurde. Een ramp dreigde. Maar ook deze tegenslag kon weer worden overkomen. Alleen aan de welingelichte toeschouwer zal de breukplek boven het deurtje zijn opgevallen.

Naast de wanden en het plastic had de technische ploeg van Sylvia ook zijn handen vol aan de vloer. Die is in de eerste acte groen, een speciale soort van groen wel te verstaan, uitgekozen door de ontwerper. Het zeil dat op de dansvloer wordt gelegd is dan ook speciaal voor deze productie gemaakt, want deze kleur is in niet de handel. Het wordt, net als trouwens bij al onze andere balletproducties, in rollen over de speciale, verende dansvloer van Het Muziektheater gelegd. Maar de naden tussen de banen zeil moeten natuurlijk wel worden weggewerkt. Want dat zou niet alleen lelijk zijn maar ook heel gevaarlijk voor de dansers. Het groene tape waar Hamburg nog enkele rollen van over had beviel ons niet (“te glad”), en er moest speciale tape worden besteld bij onze vaste leverancier. In de tweede acte is de vloer wit. In de pauze wordt de vloer dus eigenlijk opnieuw gelegd. Weer worden er twaalf banen van zesentwintig meter uitgerold, en ook die moeten weer allemaal worden afgetaped. Op een avondje Sylvia gaat er bijna zevenhonderd meter tape doorheen, voor in totaal bijna achtduizend euro.

Het gemiddelde stofferingsbedrijf zou deze klus snel onderschatten. Zo moet het in een kwartiertje klaar zijn want de pauze is voorbij voor je er erg in hebt. En je moet bijvoorbeeld wel weten dat het tape eerst op temperatuur moet komen voordat je het gebruikt. Want anders gaat het onder invloed van alle lampen op het podium “werken”, en dan sluiten de banen niet meer goed aan. Een struikelpartij van een danser is dan zo veroorzaakt.

Maar bij Sylvia is er niemand gevallen. Behalve ik. Ik ben wel gevallen, en hard ook. Voor de eenvoud van dit decor, voor de betovering van deze muziek, en voor de zeggenskracht van deze choreografie. Ik zal haar missen, deze ontroerend mooie Sylvia.

< blog archief

Opties

  • delen