Maar er is ook een theaterwet die zegt dat je nooit kunt voorspellen welke voorstelling de beste in de reeks zal zijn. De première zou wel eens net te vroeg kunnen komen, als de repetitietijd iets te kort is gebleken. Een tweede bezetting kan zo verrassend en fris zijn dat die uiteindelijk de premièrebezetting overklast. De productie kan naarmate er meer voorstellingen volgen aan kwaliteit gaan verliezen, bijvoorbeeld als de uitvoerenden steeds minder kunnen verbloemen dat ze dit niet het sterkste werk vinden. Of er kan een blessure zijn die de stersolist hindert. En zo zijn er factoren genoeg die elke voorstelling onvoorspelbaar maken.

En dan is er nog het publiek. Want een geweldige voorstelling moet je nu eenmaal samen maken. Als ‘de zaal’ er zin in heeft dan is dat op het podium te zien. Waardoor de stemming in de zaal nog weer verder toeneemt. Hoe dit werkt is natuurlijk een mysterie. Want ‘de zaal’ op, bijvoorbeeld, vrijdagavond 13 mei in Sadler’s Well te Londen bestaat uit 1400 mensen. 1400 individuen die vooraf echt niet met elkaar hebben afgesproken dat ze extra ontvankelijk zijn voor een avondje geweldig ballet. Maar toch kan er in zo’n zaal zomaar een soort collectieve beroering ontstaan. Een gevoel dat alle aanwezigen achteraf zullen herkennen, maar waar bij het begin van de voorstelling nog geen enkel voorteken voor was. Dat is de magie van het theater.

Zo’n avond was het vrijdag. Die tweede voorstelling werd, zo kon achteraf worden geconcludeerd, de beste van de drie. Net nog iets gaver uitgevoerd, met net nog even wat meer enthousiasme uit de zaal als beloning. Een ronduit heerlijk gevoel. Toch zijn er vrijdag na afloop geen uitbundige feestelijkheden. Want morgen wacht er weer een voorstelling. Londen is namelijk nog niet gedaan. Zaterdagavond zal het weer helemaal vol zijn, daar in Sadler’s Wells. En de dansers kennen maar al te goed die andere oude theaterwet, die zegt dat je net zo goed bent als je laatste voorstelling.

Als we zondagnamiddag landen op Schiphol is Ajax net kampioen van Nederland geworden. Er staan honderdduizend mensen op het Museumplein om de sterren van de beste voetbalclub van Nederland te verwelkomen. De thuiskomst van ónze sterren, de beste balletdansers van ons land, gaat ongemerkt voorbij. Ons gevoel van victorie is er niet minder om.

Maandag hebben de kampioenen van Londen een vrije dag. En dan wacht op dinsdag gewoon weer Maastricht en op woensdag Arnhem. Hans van Manen moet immers overal gezien kunnen worden, ook in steden die na Londen ineens op kabouterdorpjes lijken. Maar misschien zit daar toch ook wel weer zo’n hele speciale avond bij. Wie zal het zeggen. Dat maakt theater zo mooi. De wetenschap dat ‘het’ elk moment zou kunnen gebeuren, en zo niet, dan toch tenminste weer een volgende keer.

< blog archief

Opties

  • delen