Want de complexe persoonlijkheid van de hoofdpersoon werd in de musical Fela ook tussen de regels al duidelijk genoeg. En deed niets af aan de geweldige show, die in Theater Carré fantastisch tot zijn recht komt. Stomende muziek van een fantastische band, energieke dansers, goede zangers en een boeiend verhaal. En dan natuurlijk Fela zelf. De man om wie de hele musical draait. Een unieke persoon, een genie misschien wel. Met een enorme invloed op de ontwikkeling van de jazz- en popmuziek. Maar ook “een moeilijke man”, om het eufemistisch te zeggen. Met een discutabel karakter en dito persoonlijk gedrag.

Waar heb ik dat meer gehoord? Het is namelijk precies overeenkomstig het romantische beeld dat mensen graag hebben van de echte kunstenaar: heel bijzonder, maar als mens niet te harden. Wij, “middelmatigen”, willen graag geloven dat de kunstenaar zijn enorme talent moet bekopen met enkele pittige menselijke tekortkomingen. Je kunt nu eenmaal niet alles hebben. Wij waren ook graag geniaal geweest. Maar dat zou dan ook een ongelukkig leven, een paar destructieve verslavingen, een onhandelbare persoonlijkheid en een te vroege liefdeloze dood hebben betekend. Nou, dan maar liever gewoontjes ter wereld komen. Dankzij het stereotype beeld van de kunstenaar kunnen wij ons verzoenen met onze eigen middelmatigheid.
Alleen jammer dat de werkelijkheid anders is. Er zijn namelijk genoeg gerenommeerde kunstenaars die al decennia gelukkig getrouwd zijn en een heel geordend leven leiden. Of die in de dagelijkse praktijk heel gevattelijk blijken te zijn in de omgang. Maar dat horen we liever niet. De behoefte om de wereld in te delen in simpele beelden is te sterk. Neem bijvoorbeeld het archetype van de topsporter. Sporters, dat zijn nette meisjes en “gewone, gezonde Hollandse jongens”. Toonbeelden van zelfdiscipline, hard werken en doorzettingsvermogen. Dat er voortdurend verhalen loskomen over het losbandige leven van puissant rijke voetballers of over de stimulerende middelen die de gemiddelde wielrenner zoal tot zich neemt, wordt gauw weer vergeten. Henk en Ingrid weten nu eenmaal zeker dat kunstenaars ongedisciplineerde bon vivants zijn die onze belastingcenten erdoorheen jassen, terwijl sporters hardwerkende modelburgers zijn.

Natuurlijk, de gemiddelde accountant zal een conformistischer karakter hebben dan de gemiddelde kunstschilder. Maar ook in de politiek, de sport en het zakenleven zit het vol met Fela Kuti’s: rokkenjagers (DSK, Clinton), mannen zonder moreel besef (Berlusconi, Madoff, Blatter) en egotrippers (Sarkozy).

We doen er daarom beter aan om stereotypes zoveel mogelijk te vermijden en iedereen zo onbevooroordeeld mogelijk tegemoet treden. Dat geeft verrassende nieuwe inzichten. Zo zou er bijvoorbeeld achter die Halbe Zijlstra toch nog een groot kunstenaar kunnen schuilgaan. Die technocratische uitstraling hoeft helemaal niets te zeggen over zijn scheppende vermogens. Laten we eerlijk zijn, hij heeft tenslotte al een brief geschreven waar de hele kunstwereld naar uit heeft gekeken en die door iedereen gelezen is. Wie kan dat over zichzelf zeggen? Dan moet je toch een zeker talent hebben. Best kans dat de schepper in Halbe nu ontwaakt is. Misschien volgt er een leuke novelle? Moet kunnen. Of eerst een paar korte verhalen, en daarna een roman. Vrijdag Gehaktdag zou een leuke titel kunnen zijn. Of: De Afrekening. De Beul slaat weer toe, lijkt me ook heel geschikt. Henk en Ingrid kijken er al naar uit!

< blog archief

Opties

  • delen