“Het is eigenlijk wel toepasselijk dat ze vanavond de 5e Symfonie van Beethoven hebben gespeeld. Die begint met het noodlotmotief maar eindigt toch heel energiek. En die Beethoven weet aan de finale geen punt te breien. Hij gaat maar door en door. Dat moet het orkest ook doen: gewoon doorgaan!”.
Een van de gasten op de borrel na afloop van het laatste concert van Holland Symfonia in Haarlem verwoordt precies wat er aan de hand is. Het noodlotsmotief is zelfs nog een understatement. Want na deze avond in De Philharmonie zit het er voor dit orkest gewoon op in Haarlem. Een orkesttraditie die eind 19e eeuw in deze stad begon eindigt hier. En het is over een paar weken eveneens gedaan met de concertpraktijk in Leiden of Alkmaar en met alle educatieve en maatschappelijke projecten die het orkest de afgelopen jaren met zoveel succes heeft ontwikkeld. Geen enkel ander orkest in Nederland wordt zo zwaar getroffen door de kaalslag uit Den Haag. “Deze bezuiniging betekent feitelijk de opheffing van dit bedrijf”, zegt de geplaagde orkestdirecteur.
Maar er is ook de strohalm van een nieuw begin. Er mag van Den Haag immers een orkestvoorziening overblijven voor de dansbegeleiding. En Holland Symfonia heeft ingeschreven voor die taak. Voor nauwelijks een derde van het geld dat ze nu krijgt, dus ontslag en reorganisatie zullen nodig zijn. Ook bepaald geen leuk vooruitzicht. Dus zijn het vooral gemengde gevoelens die deze avond de overhand hebben. Maar als je afgaat op het spel van de musici, hebben de hoop en de trots het gewonnen van het verdriet en de woede. Zelden zo’n vitale en energieke Beethoven 5 gehoord.
Ik vind het een intens verdrietige avond. Maar ik herinner me ook nog dat ik mezelf ten tijde van de vorming van Holland Symfonia 10 jaar geleden, toen ik nog directeur was van een ander orkest in dezelfde regio, afvroeg hoe het zou aflopen. Want hoe sterk zijn de kaarten van zo’n groot orkest in Haarlem als op 25 autokilometers in Amsterdam twee toporkesten en de beste concertzaal van de wereld gevestigd zijn? Kan ons land zich dat wel blijven veroorloven?
Kennelijk niet. Den Haag zette vorig jaar het mes in de orkesten. Elders in het land sprongen de getroffen steden en provincies meteen in het geweer om hun orkest te redden en de Haagse politiek op andere gedachten te brengen. Toen dat niet lukte bleken ze bereid om zelf geld op tafel te leggen. “Limburg zonder orkest? Ondenkbaar!” Maar Haarlem en Noord-Holland deden niets. Kennelijk ook geen geld, of andere prioriteiten. Zaterdagavond waren de Burgemeester en de Commissaris van de Koningin in Noord-Holland beleefdheidshalve wel bij het concert, maar na afloop heb ik ze niet meer gezien. En uit Den Haag waren er überhaupt geen vertegenwoordigers gekomen, zelfs geen ambtelijke gasten. Holland Symfonia vocht een eenzame strijd.
Voorafgaand aan het concert werd een documentaire getoond die het orkest had laten maken. Ze waren er kennelijk zo trots op dat ze zelfs op het station in Amsterdam posters hadden opgehangen om de film aan te kondigen. De film bracht duidelijk in beeld wat er verloren gaat aan bijzondere educatieve en cross-overprojecten. Niet ten onrechte zegt een van de musici, toch nog tamelijk bescheiden, in de documentaire: “We zijn het modernste orkest van Nederland”. Inderdaad kan het orkest wijzen op een jaloersmakend portfolio aan unieke projecten, waar menig orkest een voorbeeld aan zou kunnen nemen. Maar het is niet genoeg gebleken. “Ik ga deze film maandag naar het ministerie en naar Zijlstra brengen”, zei de voorzitter van de Raad van Toezicht nog tegen het publiek, “en dan móeten ze kijken!”
Hij heeft gelijk, maar hij krijgt het niet. Zoals Beethoven zijn intredende doofheid niet kon beteugelen, zo is het einde van het Holland Symfonia zoals we dat nu kennen inmiddels onafwendbaar geworden. Wat ons rest is de hoop dat de finale straks toch nog in majeur eindigt, net als de Vijfde.
< blog archief